Sociaal-emotionele ontwikkeling


Een van de meestgestelde vragen aan thuisonderwijzers is: ‘Hoe staat het met de sociaal-emotionele ontwikkeling? Missen de kinderen geen vriendjes in een klas met leeftijdsgenoten?’ Ook ouders die zich voor het eerst verdiepen in thuisonderwijs hebben hier vaak vragen over. Op deze pagina willen we daar nader op ingaan.

Sociaal-emotionele ontwikkeling is een breed begrip en niet iedereen bedoelt er in de praktijk hetzelfde mee. Vaak wordt de term ook gebruikt wanneer mensen ‘sociale contacten’ bedoelen.

Op deze website hanteren we de volgende definitie van sociaal-emotionele ontwikkeling: dat kinderen leren omgaan met anderen (het sociale deel) en leren omgaan met gevoelens zoals vreugde, verdriet en boosheid (het emotionele deel).

In binnen- en buitenland zijn vele onderzoeken gedaan naar de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen die thuisonderwijs krijgen. Daaruit blijkt dat thuisonderwijs een volwaardige vorm van onderwijs is, die goede resultaten boekt op zowel cognitief als sociaal-emotioneel vlak. Dit zijn resultaten die vergelijkbaar zijn met de resultaten van schoolonderwijs [1, 2, 3 en 4].

Maar hoe kan dat? Thuisonderwijskinderen zitten immers niet iedere schooldag met een grote groep kinderen in een klas. Hoe komen zij aan hun sociale contacten? Hoe leren zij sociale vaardigheden en omgaan met hun emoties?

Kinderen die thuisonderwijs krijgen, hebben op verschillende manieren sociale contacten. Ze maken, vaak meer nog dan schoolgaande kinderen, gebruik van het sport- en spelaanbod in clubverband: hockey, voetbal, gymnastiek, ballet, judo, scouting, muziekles, enzovoorts. Zij zijn, naast hun eigen gezin, onderdeel van een familie en daarnaast maken kinderen, afhankelijk van hun levensovertuiging of religie, vaak ook deel uit van een (kerk)gemeenschap. En natuurlijk hoort ook buitenspelen met buurtkinderen bij het leven van een thuisonderwijskind.

Naast deze reguliere soorten van contact hebben thuisonderwezen kinderen ook sociale contacten die specifiek zijn voor thuisonderwijs. Meerdere malen per week worden er, voor en door thuisonderwijzers, door het hele land workshops, speelmiddagen en educatieve excursies georganiseerd. Science Museum NEMO en Rijksmuseum in Amsterdam, het Openluchtmuseum in Arnhem, het Spoorwegmuseum in Utrecht en werkplaats de Ontdekhoek in Rotterdam zijn slechts enkele van de talloze voorbeelden. Bij deze bijeenkomsten nemen ontmoeten, spelen en uitwisselen van kennis en ervaring een belangrijke plek in.

Duidelijk is dat thuisonderwijskinderen op veel verschillende manieren sociale interactie hebben met een breed scala aan leeftijdsgenoten. Niet alleen de schoolklas dus, maar de hele breedte van de maatschappij. En doordat thuisonderwijzers hun lestijden grotendeels zelf kunnen indelen en een-op-eenonderwijs een effectieve onderwijsvorm is, blijft er voor deze gezinnen tijd, aandacht en energie over voor een veelheid aan sociale contacten.

Een-op-eenonderwijs biedt grote voordelen. De lesstof kan vele malen sneller en effectiever worden doorlopen, waardoor er meer tijd is voor sport, spelen, familiebezoek, uitjes, burenhulp en clubs. In de leersituatie die thuisonderwijs biedt, is het in veel opzichten makkelijker om het kind op sociaal-emotioneel vlak op de goede weg te helpen. Aanleren van vaardigheden werkt het best door het te leren van iemand die die vaardigheden al beheerst. Voor het ontwikkelen van goede sociale vaardigheden is dat niet anders.

Tijdens thuisonderwijsbijeenkomsten hebben kinderen contact met andere volwassenen dan hun eigen ouders en met kinderen van verschillende leeftijden en achtergronden. Dat helpt hen te leren omgaan met de diversiteit in onze samenleving.

De emotionele ontwikkeling van kinderen verloopt voor elk kind anders. Een goede begeleiding vergt het adequaat inspelen op de kwaliteiten en uitdagingen van het kind. In de thuisonderwijssituatie is hier alle tijd en ruimte voor: ouders kunnen de leersituatie precies aanpassen aan de behoefte van het kind en zo is thuisonderwijs een ‘schoolvoorbeeld’ van adaptief onderwijs. Daarnaast biedt het leren in de vertrouwde, veilige en rustige thuisomgeving een uitstekende, stressvrije basis voor het oefenen van sociale vaardigheden en het groeien in emotionele veerkracht.

Ook bij kinderen die thuisonderwijs krijgen, zie je dat hun wereld, naarmate ze ouder worden, steeds groter wordt. De kleinsten zijn nog veel thuis bij hun ouders en bij familie, en hun sociale contacten bestaan vooral uit spelen met andere kinderen. Iets oudere kinderen leren steeds beter samenwerken door bijvoorbeeld met andere kinderen projecten uit te voeren of workshops te volgen. De tieners gaan weer een stapje verder en organiseren zelf activiteiten, en zetten hun eerste stappen op de arbeidsmarkt door bijbaantjes als oppaswerk, werken in de supermarkt, vrijwilligerswerk of maatschappelijke stages.

Thuisonderwijsmoeder van drie kinderen over vrijwilligerswerk:

‘Mijn zoon doet (bijna) iedere zaterdag vrijwilligerswerk op een molen. Hij helpt de molenaar en leidt bezoekers rond, vooral als die bezoekers Engelstalig zijn; zijn beheersing van het Engels wordt zeer gewaardeerd door de molenaars. Hij doet dit nu al vijf jaar met veel plezier en zegt dit ook te willen blijven doen als hij klaar is met het thuisonderwijs zoals hij dat nu krijgt.’

Moeder van vier kinderen over de maatschappelijke stage:

‘Mijn dochter geeft drie keer per week les aan kleine kinderen en mijn zoon begeleidt iedere woensdagmiddag, van één tot vier, kinderen (vaak met een “label”) uit de buurt met sport, spel en andere activiteiten. Hij heeft laatst met zo’n twintig buurtkinderen een voetgangerstunneltje opgefrist. De graffitikunstenaar die het ontwerp gemaakt had en de wethouder Jeugd en Welzijn waren ook ter plaatse.’

In de praktijk is thuisonderwijs voor elk kind anders. Sommige kinderen zijn extravert en hebben een bovengemiddelde behoefte aan sociaal contact. Andere zijn introverter en hebben naast hun sociale contacten tijd nodig om zich thuis weer op te laden. De een is verlegen, de ander staat graag in het middelpunt van de aandacht, sommigen zijn druk, anderen rustig. Thuisonderwijs voorziet in het verschil aan sociale behoeften van deze kinderen. Zo ontwikkelen zij zich allemaal verschillend, maar altijd met beide voeten stevig in onze maatschappij. Het zijn kinderen met eigen, specifieke uitdagingen en talenten, net als elk ander kind!

[1] Kunzman, R. & Gaither, M. (2013). Homeschooling: A comprehensive survey of the research. Other Education: The Journal of Educational Alternatives, 2(1): p. 4-59.


[2] Medlin, R. G. (2000). Home schooling and the question of socialization. Peabody Journal of Education, 75(1&2), p. 107-123.

[3] Reavis, R. & Zakriski, A. (2005). Are home-schooled children socially at-risk or socially protected? The Brown University Child and Adolescent Behavior Letter, 21(9).

[4] Blok. H. (2004). Is school echt zo belangrijk voor de sociaal-emotionele ontwikkeling? Jeugd in School en Wereld, 89(1), p. 29-32.